Betekenis van:
zooi

zooi
Zelfstandig naamwoord
  • warboel, puinhoop
"Ik maakte er een zooitje van."
zooi (de ~ | meervoud zooien)
Zelfstandig naamwoord
  • grote hoeveelheid
"een hele zooi [boeken/kinderen]"
"het hele zooitje was daar"

Synoniemen

Hyperoniemen

zooi
Zelfstandig naamwoord
  • kooksel; dat wat langdurig samen gekookt wordt