Betekenis

Zelfstandig naamwoord

  1. waanzin (de ~)
    toestand van iem. die krankzinnig is, ernstige geestesziekte
    "iemand tot waanzin drijven"
    Synoniemen: verstandsverbijstering, waanzinnigheid, zinsverbijstering, krankzinnigheid
  2. waanzin (de ~)
    dwaze daad of zaak; iets onzinnigs; onmogelijke opdracht; het gek of fanatiek zijn; dwaasheid; onzin, iets geks; onverstandige daad; iets doms
    "de totale waanzin"
    Synoniemen: gekheid, absurditeit, gekkenwerk, gekte, idiotie, idiotisme, ineptie, ongerijmdheid, potsierlijkheid, zotheid, zotternij, zottigheid, dwaasheid, onzin
  3. waanzin
    het lijden aan een geestesstoornis
  4. waanzin
    onzin, onmogelijk
    "De Mount Everest beklimmen zonder voorbereiding is waanzin."