Betekenis

Zelfstandig naamwoord

  1. voetvolk (het ~)
    het gewone volk
    Synoniemen: gepeupel, canaille, crapuul, gemeen, goegemeente, grauw, janhagel, plebs, publiek, racaille, rapaille
  2. voetvolk (het ~)
    legeronderdeel dat te voet gaat; militairen te voet
    Synoniemen: infanterie