Betekenis

Bijvoeglijk naamwoord

  1. typisch
    kenmerkend; typerend; niet algemeen; karakteristiek; kenmerkend; vreemd; typerend
    "een typische gewoonte/uitdrukking"
    Synoniemen: karakteristiek, gezichtsbepalend, idiosyncratisch, kenmerkend, kenschetsend, specifiek, tekenend, typerend, representatief
  2. typisch
    afwijkend van het normale, het verwachte
    "dat is weer typisch iets voor hem om te laat op de afspraak te zijn"
    Synoniemen: apart, eigenaardig, vreemd, raar, curieus, merkwaardig
  3. typisch
    vreemd, eigenaardig
    "Hij gedraagt zich de laatste tijd heel typisch."
  4. typisch
    kenmerkend.
    "Dat is nou een typisch geval van onoplettendheid."

Voorbeeldzinnen

  1. Typisch MBA-type
  2. Typisch verwondingsscenario Typische verwonding
  3. 10000-600000 (typisch waardebereik)
  4. Typisch werkingsgebied van de opnemers
  5. Het product is typisch en natuurlijk,
  6. Versplijtingsgraad (gemiddeld of typisch bereik): MWdag/ton zwaar metaal
  7. Versplijtingsgraad (gemiddeld of typisch bereik): MWd/ton zwaar metaal
  8. "Bias" wordt typisch uitgedrukt in graden per uur (g/u).
  9. Dit wordt weergegeven als een reeks resolutiewaarden van nul tot oneindig (typisch voor rastergegevens en beeldgebonden producten) of equivalente schalen (typisch voor kaarten of kaartgebonden producten).
  10. Dit heeft typisch betrekking op werknemerspensioenfondsen die niet zijn ondergebracht bij een onafhankelijke instelling.