Betekenis

Werkwoord

  1. toepassen
    hanteren; praktisch
    "een wet/regel/principe toepassen"
    Synoniemen: toegepast
  2. toepassen
    gebruiken voor een doel; gebruiken; gebruiken; benutten; gebruik maken van; hanteren
    "een wet/regel/principe toepassen"
    Synoniemen: aanwenden, bezigen, nemen, gebruiken, pakken
  3. toepassen
    in de praktijk brengen
    "Voor jullie zal ik met twee maten meten en de regels soepel toepassen."
  4. toepassen
    gebruiken.
    "Ik ga nu even deze techniek toepassen."

Voorbeeldzinnen

  1. Teststatistiek toepassen
  2. Voorbeelden voor het toepassen van aanhangsel 2
  3. Een entiteit mag de wijziging prospectief toepassen.
  4. Aantal ondernemingen dat de maatregel kan toepassen
  5. De lidstaten kunnen deze verordening ook toepassen:
  6. Een entiteit mag de wijzigingen prospectief toepassen.
  7. inrichtingen of ondernemingen die afvalstoffen nuttig toepassen.
  8. op de gevraagde hoeveelheden een toewijzigingscoëfficiënt toepassen;
  9. Een geïntegreerd onderzoeksbeleid ontwerpen en toepassen.
  10. De overeenkomstsluitende partijen die dit reglement toepassen: