Betekenis

Bijvoeglijk naamwoord

  1. snugger
    snel van gedachten, van begrip of daarvan blijk geven
    "niet al te snugger"
    Synoniemen: slim, bekeken, clever, gis, kien, pienter, bijtend, doordringend, fel, guur, schel, scherp, schril, snerpend
  2. snugger
    schrander; intelligent
    Synoniemen: bevattelijk, intelligent, knap

Voorbeeldzinnen

  1. Dat is niet zo erg snugger van je, dat je dat briefje hebt weggegooid.