Betekenis

Werkwoord

  1. smakken
    met veel geluid eten
    "smakken bij het eten"
  2. smakken
    met geweld werpen
    "iemand tegen een muur smakken"
  3. smakken
    hard vallen
    "tegen ['de grond'/'het wegdek'] smakken"

Verwijzingen

Werkwoord

  1. smakken is een vervoeging van afsmakken
  2. smakken is een vervoeging van neersmakken
  3. smakken is een vervoeging van omsmakken
  4. smakken is een vervoeging van toesmakken