Betekenis

Bijvoeglijk naamwoord

  1. secuur
    beschermd tegen gevaar
    Synoniemen: gerust, risicoloos, veilig, zeker
  2. secuur
    zorgvuldig; nauwkeurig; stipt, nauwgezet; nauwkeurig; nauwgezet; punctueel; nauwgezet; nauwgezet; stipt; zorgvuldig
    "een secuur werkje"
    Synoniemen: consciƫntieus, nauwgezet, punctueel, scrupuleus, stipt, accuraat, nauwkeurig, prompt, precies
  3. secuur
    met grote nauwgezetheid iets zeker stellend
    "Hij was de secuurste boekhouder die je ooit gezien hebt."