Betekenis

Bijvoeglijk naamwoord

  1. profijtelijk
    lonend; rendabel; winstgevend; voordelig; lucratief; economisch rendabel; rendabel
    "een profijtelijke onkostenregeling"
    Synoniemen: rendabel, goedlopend, lonend, lucratief, profitabel, winstgevend, productief, leefbaar

Voorbeeldzinnen

  1. De aanvullende opleiding heeft betrekking op algemene vaardigheden die niet noodzakelijk zijn voor de uitvoering van het eigenlijke werk en is daarom gerechtvaardigd en profijtelijk voor alle categorie├źn werknemers, welk onderwijs zij ook hebben genoten.