Betekenis

Bijvoeglijk naamwoord

Zelfstandig naamwoord

  1. principaal
    iem. die een opdracht geeft
    Synoniemen: opdrachtgever, committent, lastgever, machtgever, mandant, mandator

Voorbeeldzinnen

  1. De lidstaten verlenen vrijstelling voor de diensten van agenten die optreden in naam en voor rekening van een ander wanneer zij betrokken zijn bij de levering van beleggingsgoud voor hun principaal.