Betekenis

Bijvoeglijk naamwoord

  1. prima
    goed; mooi; uitstekend; uitstekend; goed
    "iets prima vinden"
    Synoniemen: best, fraai, puik, mooi
  2. prima
    zich boven iets of iem. anders onderscheidend
    "iets prima vinden"
    Synoniemen: uitstekend, allerbest, beregoed, best, excellent, fraai, kostelijk, opperbest, patent, piekfijn, steengoed, superbe, uitmuntend, uitnemend, voortreffelijk, prachtig, adembenemend, eersteklas, ijzersterk, eersterangs

Voorbeeldzinnen

  1. Alles is prima.
  2. Het nieuwe plan werkte prima.
  3. Dit is een prima idee.
  4. "Het is prima," lachte Dima. "Ik ben per slot van rekening nog in de groei. Ik groei er wel in."
  5. Prima Com SRL
  6. Àrea marina Punta Prima-Illa de l’Aire
  7. Prima Facoltà di Architettura dell'Università di Roma „La Sapienza”
  8. Prima Facoltà di Architettura dell'Università di Roma „La Sapienza”
  9. Aldus zou het gerecht de gronden van de vordering prima facie kunnen onderzoeken en onder meer kennelijk ongegronde of niet-ontvankelijke vorderingen kunnen uitsluiten.
  10. Eén producent/exporteur herhaalde het argument dat de openbare versie van de klacht geen prima facie bewijs van aanmerkelijke schade aan de bedrijfstak van de Gemeenschap bevatte, waardoor de belanghebbenden hun recht van verweer niet konden uitoefenen.