Betekenis

Bijvoeglijk naamwoord

  1. overtuigd
    geassureerd
    Synoniemen: zeker, verzekerd
  2. overtuigd
    niet twijfelend
    "overtuigd van iets zijn"
    Synoniemen: fervent, bezield, vurig, ijverig
  3. overtuigd
    met te veel zeil voor de weersomstandigheden
    "Te veel helling en roerdruk zijn het gevolg van een overtuigd schip en een verkeerde stand van de zeilen.blz 11 Handboek Zeiltrimmen: praktische tips voor optimaal zeilplezier voor open boten en kajuitjachten
    "
  4. overtuigd
    zeker in zijn denkwijze
    "Hij is daar een overtuigde aanhanger van."

Verwijzingen

Werkwoord

  1. overtuigd is een vervoeging van overtuigen

Voorbeeldzinnen

  1. Ik ben helemaal niet overtuigd.
  2. Hoe heb je ze overtuigd?
  3. Eerst waren ze allemaal overtuigd van zijn onschuld.
  4. Ik ben ervan overtuigd dat hij onschuldig is.
  5. De markt was ervan overtuigd dat het voorschot voorhanden was.
  6. De gezagvoerder moet ervan overtuigd zijn dat aan de volgende voorwaarden is voldaan:
  7. Daarnaast is SIDE ervan overtuigd dat de activiteit van een exportagent geen enkele steun behoeft.
  8. Farm Dairy was er namelijk van overtuigd dat het dossier reeds lang geleden was afgesloten.
  9. De gezagvoerder mag alleen aan een vlucht beginnen als hij/zij zich ervan heeft overtuigd dat:
  10. Daarom is het Verenigd Koninkrijk ervan overtuigd dat de ECF's particulier kapitaal niet van deze markt niet zullen verdringen.