Betekenis

Bijvoeglijk naamwoord

  1. ontsteld
    in hoge mate verbaasd
    "ontsteld over iets zijn"
    Synoniemen: onthutst, besodemieterd, ontdaan, ontredderd, verbijsterd, ontzet
  2. ontsteld
    tijdelijk niet in staat om iets te doen vanwege een emotionele of lichamelijke klap
    "Bert was ontsteld door het plotselinge verlies van zijn broer."

Verwijzingen

Werkwoord

  1. ontsteld is een vervoeging van ontstellen