Betekenis

Bijvoeglijk naamwoord

  1. nauwkeurig
    zorgvuldig; nauwkeurig; stipt, nauwgezet; nauwkeurig; nauwgezet; punctueel; nauwgezet; nauwgezet; stipt; zorgvuldig
    "een nauwkeurig onderzoek"
    Synoniemen: consciëntieus, nauwgezet, punctueel, scrupuleus, secuur, stipt, accuraat, prompt, precies
  2. nauwkeurig
    van zintuigen; precies
    "nauwkeurig overeenstemmen"
    Synoniemen: scherp
  3. nauwkeurig
    op tijd; vroeg
    Synoniemen: tijdig, vroegtijdig, accuraat, nauwgezet, prompt, stipt, zorgvuldig, punctueel
  4. nauwkeurig
    erg zorgvuldig
    "De vragen werden met zeer nauwkeurige antwoorden beantwoord."

Voorbeeldzinnen

  1. De meeste studenten lezen de syllabus niet erg nauwkeurig.
  2. Nauwkeurig tot op ± 1 %
  3. de producten nauwkeurig zijn omschreven,
  4. Analytische balans, tot op 1 mg nauwkeurig.
  5. Andere slijpmachines, op 0,01 mm nauwkeurig, n.e.g.
  6. Opgegeven vermogen (tot 0,1 W nauwkeurig);
  7. Andere slijpmachines, op 0,01 mm nauwkeurig, n.e.g.
  8. Vlakslijpmachines, op 0,01 mm nauwkeurig, n.e.g.
  9. Thermometers, tot op 1 °C nauwkeurig
  10. Vlakslijpmachines, op 0,01 mm nauwkeurig, n.e.g.