Betekenis

Bijvoeglijk naamwoord

  1. machtig
    (van spijzen) zwaar op de maag liggend
    "een machtige pannenkoek"
    Synoniemen: voedzaam, stevig
  2. machtig
    (van personen, volkeren enz.) veel macht hebbend
    "een machtige koning/keizer/heerser"
    Synoniemen: invloedrijk, veelvermogend
  3. machtig
    meer invloed hebbend dan anderen
    "In zijn tijd was Rome heel machtig."
  4. machtig
    zeer goed vullen
    "De groentetaart van gisteravond was mij eigenlijk te machtig."
  5. machtig
    heel mooi, heel leuk en indrukwekkend
    "Dat is echt een machtige achtbaan!"

Verwijzingen

Werkwoord

  1. machtig is een vervoeging van machtigen

Voorbeeldzinnen

  1. de individuele deskundigen dienen tevens een taal die in financiƫle zaken pleegt te worden gebruikt voldoende machtig te zijn om in deze taal aan de discussies te kunnen deelnemen en verslagen te kunnen opstellen.