Betekenis

Zelfstandig naamwoord

  1. kei
    gehouwen straatsteen
  2. kei (de ~ | meervoud keien)
    slim iemand; iem. die uitblinkt; iemand die ongelooflijke dingen kan; deskundige; toonaangevend iemand op bepaald gebied; iemand die ergens in uitmunt; iemand die ergens erg goed in is; op enige wijze opvallend iemand; iemand erg goed ergens in; iemand die ergens in uitblinkt; iemand die uitblinkt in bv. sport
    "een kei zijn in [rekenen]"
    Synoniemen: uitblinker, aas, duivelskunstenaar, expert, grootmeester, kanjer, kraan, raspaardje, topper, crack
  3. kei (de ~ | meervoud keien)
    ronde natuursteen
    "op de keien staan"
    Synoniemen: keisteen
  4. kei
    een brok gesteente
    "Er spatte een keitje op en de voorruit barstte uiteen in gruzelementen."
  5. kei
    iemand die bijzondere prestaties levert
    "Hij is daar echt een kei in."