Betekenis

Bijvoeglijk naamwoord

  1. heftig
    erg, geweldig
    "iets heftig bestrijden"
    Synoniemen: hevig, sterk, hard, zwaar, ernstig, fel, stevig, erg, krachtig, straf, vurig, vet
  2. heftig
    extreem in mate
    "De overstroming was des te heftiger omdat de stortbui kwam na een lange droogte."

Bijwoord

  1. heftig
    in extreme mate
    "Hij was heftig geschrokken van het ongeluk waar hij maar ternauwernood aan ontkomen was."

Voorbeeldzinnen

  1. De melkmonsters mogen niet bevroren noch verhit zijn en mogen evenmin heftig zijn geschud.
  2. Hun wilde aard houdt in dat zij alerter zijn dan gedomesticeerde soorten en dat zij bijgevolg heftig reageren op ongewone en als bedreigend ervaren prikkels.