Betekenis

Bijvoeglijk naamwoord

  1. heel
    niet kapot
    "ergens niets van heel laten"
  2. heel
    totaal; totaal; geheel; compleet; volledig; helemaal; compleet; compleet; geheel; niet gedeeld
    "beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald"
    Synoniemen: volledig, algeheel, compleet, gans, geheel, totaal, volkomen, vol, godgans, onverdeeld
  3. heel
    behoorlijk; aanzienlijk; aanmerkelijk; behoorlijk; van belang; aanzienlijk; van groot belang; beduidend; ingrijpend; flink; aanzienlijk
    "een hele klus/toer/lijst/rij/geschiedenis/tijd"
    Synoniemen: aardig, beduidend, considerabel, fors, merkelijk, aanzienlijk, flink, groot, hoog, belangrijk, knap, gevoelig, behoorlijk
  4. heel
    niet stuk, niet gebroken
    "De vaas was gevallen maar toch heel gebleven."
  5. heel
    zonder uitzondering, in alle delen
    "Dat is in de hele wereld het geval."

Bijwoord

  1. heel
    in hoge mate

Verwijzingen

Werkwoord

  1. heel is een vervoeging van helen

Voorbeeldzinnen

  1. Heel romantisch!
  2. De zomerdagen kunnen heel, heel heet zijn.
  3. Dat was heel plezant.
  4. Hij is heel sexy.
  5. We zijn heel dronken.
  6. Heel erg bedankt, dokter.
  7. Opa spreekt heel traag.
  8. Ze werd heel ziek.
  9. Hij is heel gevoelig.
  10. Ik ben heel lang.