Betekenis

Bijvoeglijk naamwoord

  1. graag
    gretig; met veel zin; begerig; begerig; tuk; hevig verlangend
    "een grage eter"
    Synoniemen: begerig, belust, gretig, happig, smachtend, bijtend, doordringend, fel, guur, schel, scherp, schril, snerpend

Bijwoord

  1. graag
    met plezier, met graagte; dat doe ik graag

Voorbeeldzinnen

  1. Ja, graag.
  2. Je hebt graag olifanten.
  3. Ik loop graag.
  4. Ik studeer graag Engels.
  5. Ik zie u graag.
  6. Wij praten graag.
  7. Ik ski graag.
  8. Ik maak graag foto's.
  9. Ik speel graag piano.
  10. Mike speelt graag basketbal.