Betekenis

Bijvoeglijk naamwoord

  1. gevat
    ad rem; paraat
    "een gevat antwoord"
    Synoniemen: ad rem, slagvaardig, bijtend, doordringend, fel, guur, schel, scherp, schril, snerpend

Verwijzingen

Werkwoord

  1. gevat is een vervoeging van vatten

Voorbeeldzinnen

  1. Het gordijn heeft vlam gevat.
  2. gevat in een stofdicht huis;
  3. gevat in een stofdicht huis;
  4. gevat in een stofdicht huis;
  5. Industriediamant, niet gevat noch gezet, n.e.g.
  6. Andere diamant, niet gevat noch gezet, n.e.g.
  7. Diamant, ook indien bewerkt, doch niet gevat noch gezet
  8. Gekweekte parels, bewerkt (excl. aaneengeregen, gezet of gevat)
  9. De peperkorrels en de zoutkorrels zijn gevat in kogelvormige houders van kunststof; zij worden fijngemalen met gegroefde plaatjes.
  10. Een persoon in de nabijheid van de vlammen kan brandwonden oplopen, mogelijk nadat zijn kleren vuur hebben gevat