Betekenis

Bijvoeglijk naamwoord

  1. gedegen
    degelijk; grondig; diepgaand; goed doordacht
    "een gedegen onderzoek"
    Synoniemen: grondig, diepgaand, diepgravend, bijtend, doordringend, fel, guur, schel, scherp, schril, snerpend
  2. gedegen
    degelijk, grondig
    "Zij heeft zich gedegen voorbereid."
  3. gedegen
    in de natuur als zodanig voorkomend
    "Koper in gedegen vorm, vind je soms in de natuur."

Voorbeeldzinnen

  1. gedegen en doeltreffende controle van de uitgaven.
  2. De kredietverlening geschiedt op basis van gedegen en welomschreven criteria.
  3. de gebieden die aan specifieke beperkingen op milieugebied zijn onderworpen, met een gedegen motivering.
  4. Gedegen kennis hebben van soorten ventielen, aandrijvingsmechanismen, veilige hantering, preventie van uitstroming en lekkage.
  5. Gedegen kennis hebben van de verschillende soorten brandbeveiligingsapparatuur met gefluoreerde broeikasgassen op de markt.
  6. De lidstaten spannen zich in om het deskundigenteam beveiligde huisvesting, lichaamspantsering en gedegen bescherming binnen Irak te verstrekken.
  7. Gedegen kennis hebben van apparatuur die en gereedschap dat nodig is voor veilige hantering en veilig werken.
  8. De centrale autoriteiten behandelen de zaak zo spoedig als een gedegen onderzoek van de inhoud ervan het toelaat.
  9. een gedegen technische en beroepsopleiding die alle beoordelingsactiviteiten ten behoeve van de overeenstemming omvat waarvoor de keuringsinstantie is aangemeld;
  10. UNIDIR zal de HV daartoe een lijst voorleggen van mogelijke onderzoeksinstellingen en individuele deskundigen met een gedegen achtergrondkennis van aangelegenheden die specifiek te maken hebben met een WHV.