Betekenis

Bijvoeglijk naamwoord

  1. driewerf
    driedubbel; drievoudig; driema(a)l(ig)
    "een driewerf hoera"
    Synoniemen: drievoudig, driedubbel, drievuldig, triple, absoluut, onvermengd, onvoorwaardelijk, volstrekt, zuiver, puur

Telwoord

  1. driewerf
    driemaal herhaald
    "Zijn verjaardag werd gevierd met een driewerf hoera."