Betekenis

Zelfstandig naamwoord

  1. crack (de ~ | meervoud cracks)
    slim iemand; iem. die uitblinkt; iemand die ongelooflijke dingen kan; deskundige; toonaangevend iemand op bepaald gebied; iemand die ergens in uitmunt; iemand die ergens erg goed in is; op enige wijze opvallend iemand; iemand erg goed ergens in; iemand die ergens in uitblinkt; iemand die uitblinkt in bv. sport
    "de cracks worden stuk voor stuk gesponsord"
    Synoniemen: uitblinker, aas, duivelskunstenaar, expert, grootmeester, kanjer, kraan, raspaardje, kei, topper
  2. crack (de ~)
    harddrug met cocaïne
    "crack gebruiken"

Voorbeeldzinnen

  1. schadebeperkingsreacties op opkomende trends in verband met psychoactieve stoffen met bijzondere aandacht voor het gebruik van ecstasy, cocaïne/crack en cannabis;