Betekenis

Werkwoord

  1. beroeren
    ongerust maken; op stelten zetten
    "de gemoederen beroeren"
    Synoniemen: verontrusten, troebleren
  2. beroeren
    onrust veroorzaken, in onrustige beweging brengen
    "De komst van de grote groep motorrijders beroerde de gemoederen in het kleine dorpje."
  3. beroeren
    aanraken
    "In de beschutting van het struikgewas betraden zij voor het eerst het pad van de liefde en beroerden elkaars lippen."