Betekenis

Bijvoeglijk naamwoord

  1. behoorlijk
    behoorlijk; aanzienlijk; aanmerkelijk; behoorlijk; van belang; aanzienlijk; van groot belang; beduidend; ingrijpend; flink; aanzienlijk
    "een behoorlijk bedrag/kapitaal/inkomen"
    Synoniemen: aardig, beduidend, considerabel, fors, merkelijk, aanzienlijk, flink, groot, hoog, belangrijk, knap, gevoelig, heel
  2. behoorlijk
    gepast; behoorlijk; fatsoenlijk
    "er nog (heel) behoorlijk uitzien"
    Synoniemen: betamelijk, gevoeglijk, hebbelijk
  3. behoorlijk
    groot, zwaar
    "Dat is een behoorlijke klus."
  4. behoorlijk
    net, fatsoenlijk
    "Dat is een heel behoorlijke manier van doen."

Bijwoord

  1. behoorlijk
    in redelijk grote mate
    "Dat valt behoorlijk tegen."

Voorbeeldzinnen

  1. Die hierboven vermelde zending werd behoorlijk afgeleverd.
  2. Tom komt behoorlijk vaak te laat op school.
  3. Tom heeft in zijn vinger gesneden en het bloedt behoorlijk.
  4. Het is een goed restaurant, maar wel behoorlijk duur.
  5. Functioneert niet behoorlijk
  6. Functioneert niet behoorlijk.
  7. Sproeiers werken niet behoorlijk.
  8. houdende instelling van het Subcomité mensenrechten, democratisering en behoorlijk bestuur
  9. De principes van behoorlijk bestuur blijven echter van toepassing.
  10. Het niet behoorlijk bijgehouden zijn van het oliejournaal.