Betekenis

Bijvoeglijk naamwoord

  1. armetierig
    te klein, te weinig, onvoldoende; mager; weinig; slecht; schraal
    "dat armetierige cadeautje heb ik van mijn rijke oom"
    Synoniemen: karig, pieterig, schraal, mager, magertjes, armzalig, miezerig
  2. armetierig
    armoedig; armoedig; armoedig; erg pover; in slechte staat
    "een armetierig hutje"
    Synoniemen: armelijk, luizig, pover, povertjes, armzalig, schamel